Ontregeld
Het is eind oktober en ze loopt in T-shirt op straat, in de krant leest ze dat het klimaat ontregeld is en de natuur ook, de dieren en de planten, die zitten in de knoei met hun winterslaap, die krabben hoofdschuddend in hun haren want die weten het ook allemaal niet meer, laat staan dat zij er mee voor gezorgd hebben dat het ontregeld werd. Er staan onopgehaalde PMD-zakken op straat, omdat het maandag is, maar de mensen van de vuilophaaldienst hadden een personeelsdag dus blijven de PMD-zakken staan aan de rand van het voetpad, ze ziet de melkflessen en snoepverpakking en blikjes Sprite erdoor schemeren, god wat is het warm. Mensen komen de straat op om te betogen tegen de ontregeling, de politiek moet ingrijpen vinden ze. Er zijn al doden gevallen door die ontregeling, er gaan er nog vallen, sowieso in landen waar er minder verweer is tegen ontregeling maar ook in landen waarvan gedacht werd dat er best veel verweer was, tot het weer omsloeg. Ze denkt aan haar kinderen. Ze heeft nooit werkelijk overwogen ze niet op de wereld te zetten, ook een ontregelde wereld kan in principe beter zijn dan helemaal geen wereld, maar op termijn wordt dat standpunt misschien onhoudbaar en dan heeft ze haar kinderen opgezadeld met de vraag of zij op hun beurt kinderen moeten maken in die wereld die steeds ontregelder is, steeds onvoorspelbaarder, waar hitte en stormen tegen de aardkorst beuken en het is eind oktober, 22 graden, de lucht is helderblauw, in de verte zingen sirenes.