Zjanol
Juni, of juli, dagen zonder duidelijk einde alleszins. Ik
lig weer op mijn rug in de zetel, een nieuwe wending te geven aan mijn leven
dat even naar de zjanol dreigde te gaan. Pratend doe ik dat, door mijn
telefoon. Pratend gaf ik mijn leven vele wendingen. Precies in deze zetel ook,
de zetel die mijn eerste grote aankoop was na de scheiding. Ik koos de vorm,
mijn dochter de kleur. Negen jaar was ze toen, en ik deed mijn stinkende best
haar te laten geloven dat een scheiding niet haar hele leven op z’n kop zou
zetten. Ze koos voor lichtgrijs in de plaats van lichtblauw of lichtgroen.
Duizend euro armer ging ik naar mijn nieuwe woonst met de bruinbeige tegels in
de keuken en de badkamerkastjes die ik maar voor een derde gevuld kreeg. Zes
weken wachtte ik op mijn nieuwe zetel, waarna ik verhuisde naar een plek waar
ik behalve een weids uitzicht op de omgeving ook een weids uitzicht kreeg op de
gruwelijke blunders die ik gemaakt had. Dat vertel ik allemaal, pratend door mijn
telefoon. Ik kan veel praten, weet je ondertussen. Soms zet je wieltjes onder
wat ik zeg. De zjanol is nog niet geweken, daarvoor zijn er te weinig maanden
overheen gegaan, maar met die wieltjes geraak ik sneller uit de voeten. Juni,
of juli, dagen waarin ik weer leer rolschaatsen.