Afwegingen
Wabi-sabi is trendy. Iedereen zoekt in kringwinkels naar
imperfectie. Als er een hoek af is, is het goed. Dan heeft het een verhaal. Dat
theekopje met een oor af, dat heeft een verhaal. Het theekopje van Ikea heeft
geen verhaal. Het heeft zijn oor nog, en bijgevolg geen verhaal. We horen het
te mijden. Nochtans is dat niet te merken op een zaterdagnamiddag in de
afdeling huisraad van de Ikea in Zaventem. Blijkbaar is niet iedereen zo wabi-sabi. Dat is hoopgevend. Dat betekent namelijk dat niet iedereen in de
onzin van dat verhaal-verhaal is getrapt. Wat heb je namelijk aan een verhaal
van een object zonder stem of pen? Daar kunnen we kort over zijn. We hebben
daar niets aan, want dat verhaal blijft verborgen. Zoals een bonbon in een
doosje met een slot. Daar staat het doosje, bruin karton met een cijferslotje
eraan. We weten heel goed dat er een bonbon in zit, maar we kunnen er niet bij.
We moeten het met het bruine karton doen, met het cijferslotje. Midden op onze
keukentafel. Lelijk! Het volk komt binnen, ziet het doosje staan en vraagt wat
dat allemaal te betekenen heeft. Je antwoordt dat er een lekkere bonbon in zit.
Maar de cijfercode ken je niet. En tijd om alle mogelijkheden uit te proberen
heb je niet met je drukdrukdruk.
De moraal van dit verhaal is dat mooie doosjes zonder bonbon nog altijd beter zijn dan lelijke doosjes met een cijferslot, zelfs als er een bonbon in zit.
Bonbon is geen woord dat ik frequent gebruik. Maar ‘snoepje’ klinkt zo onvolwassen.
Het zijn nogal afwegingen die ik moet maken als ik een tekst schrijf.